Inhoud
- Centimeters naar millimeters omrekenen
- Formule
- Omrekentabel cm naar mm
- Praktische voorbeelden
- Voor scholieren
- Veelgestelde vragen
- Gerelateerde omrekeningen
Centimeters naar millimeters omrekenen
1 cm = 10 mm. Vijf centimeter is dus 50 mm, en 30 cm is 300 mm.
Centimeters en millimeters zijn allebei eenheden in het metrisch stelsel. Millimeters zijn kleiner en worden gebruikt als meer nauwkeurigheid nodig is, bijvoorbeeld bij technische tekeningen, houtbewerking of kleding passen. Omrekenen gaat snel zodra je weet dat een centimeter precies tien millimeter is.
- Voer je waarde in centimeters in de calculator hierboven in.
- De calculator vermenigvuldigt automatisch met 10. Wil je het handmatig doen? Vermenigvuldig het aantal centimeters dan gewoon met 10.
- Voorbeeld: 7,5 cm x 10 = 75 mm.
Formule
mm = cm x 10
Vermenigvuldig het aantal centimeters met 10 om millimeters te krijgen. Dat werkt altijd, voor elk getal. Zo is 12 cm gelijk aan 120 mm, en 0,5 cm is 5 mm.
Omrekentabel cm naar mm
| cm | mm |
|---|---|
| 0,5 | 5 |
| 1 | 10 |
| 2 | 20 |
| 3 | 30 |
| 4 | 40 |
| 5 | 50 |
| 7,5 | 75 |
| 10 | 100 |
| 15 | 150 |
| 20 | 200 |
| 25 | 250 |
| 30 | 300 |
| 50 | 500 |
| 75 | 750 |
| 100 | 1.000 |
| 150 | 1.500 |
| 200 | 2.000 |
Praktische voorbeelden
Een standaard A4-vel papier is 21 cm breed. In millimeters is dat 210 mm – de maat die je op elke printerverpakking terugvindt.
Een Nederlandse euro heeft een diameter van 23,25 mm, ofwel 2,325 cm. Bij het passen van ringen of horlogebanden wordt altijd in millimeters gewerkt, nooit in centimeters.
Dakpannen en bouwmaterialen worden in Nederland vaak op de millimeter opgegeven. Een standaard dakpan is 330 mm lang, wat gelijk is aan 33 cm. Op de bouwplaats werkt iedereen in millimeters om fouten te voorkomen.
Bij het confectienaaien wordt de zoom van een broek typisch 3 cm opgelegd, maar als je het aan een kleermaker doorgeeft, zegt die “30 mm.” Zelfde maat, andere eenheid.
Voor scholieren
In het Nederlandse basisonderwijs leer je het metrisch stelsel in groep 6 en 7. Centimeters en millimeters zijn de eerste lengte-eenheden die je oefent, en de omrekening is een van de meest voorkomende opgaven op toetsen. De truc om het te onthouden: het voorvoegsel “milli-” betekent een duizendste, dus 1 meter = 1.000 mm, en 1 cm = 10 mm. Een veelgemaakte fout is delen in plaats van vermenigvuldigen – denk eraan: mm zijn kleiner, dus je krijgt een groter getal. Oefen met de calculator hierboven: typ 8 cm in en controleer of je 80 mm uitkomt. Probeer daarna 12,4 cm.
Veelgestelde vragen
Hoeveel millimeter is 1 centimeter?
1 centimeter is precies 10 millimeter. Dat is een vaste verhouding in het metrisch stelsel. Tien millimeters naast elkaar vormen samen exact een centimeter.
Is een centimeter groter dan een millimeter?
Ja, een centimeter is tien keer zo groot als een millimeter. Een cm meet 10 mm, terwijl 1 mm slechts 0,1 cm is. Millimeters gebruik je voor fijnere metingen, centimeters voor grotere objecten.
Hoe reken ik centimeters naar millimeters om zonder calculator?
Vermenigvuldig het aantal centimeters met 10. Dat doe je door gewoon een nul achter het getal te zetten als het een heel getal is: 6 cm wordt 60 mm. Bij kommagetallen verschuif je de komma een positie naar rechts: 4,7 cm wordt 47 mm.
Waarvoor gebruik je millimeters in plaats van centimeters?
Millimeters gebruik je als meer precisie nodig is. Denk aan technische tekeningen, het afstellen van gereedschap, sieradenmaten, bandenmaten van fietsen en auto’s, en medische hulpmiddelen. In de bouw en metaalbewerking werkt men bijna altijd in millimeters om afrondingsfouten te vermijden.
Wat is het verschil tussen een millimeter en een micrometer?
Een micrometer (µm) is 1.000 keer kleiner dan een millimeter. 1 mm = 1.000 µm. Micrometers gebruik je in de wetenschap en precisietechniek, bijvoorbeeld bij de dikte van menselijk haar (ongeveer 70 µm). In het dagelijkse leven kom je ze zelden tegen.